
Handreiking voor gemeenten en CJG's 
Hoe kan de omgeving meer betrokken worden bij de opvoeding van kinderen?
De kracht van de pedagogische civil society 
Uitgebreide folder over het project Allemaal Opvoeders, met voorbeelden en tips voor gemeenten, CJG's en andere organisaties.
Mireille Gemmeke is projectleider van Allemaal Opvoeders.
Stel een vraag
De verantwoordelijkheid voor de opvoeding is de laatste decennia steeds meer een geïsoleerde gezinsverantwoordelijkheid geworden. Gezinnen komen er steeds vaker alleen voor te staan omdat het contact met familie, vrienden en buurtbewoners is afgenomen. Dit komt door verschillende maatschappelijke ontwikkelingen, zoals verhuisbewegingen en de invloed van de ‘virtuele wereld’ op de tijdsbesteding van gezinnen.
In onze veeleisende samenleving kunnen gezinnen hierdoor overbelast raken. Uit onderzoek blijkt dat ouders meer behoefte hebben aan informele steun bij de opvoeding (De Winter, 2008). In wijken waar meer sociale samenhang is, blijken risicovolle opvoedingssituaties - zoals kindermishandeling - af te nemen. Het vergroten van de pedagogische kwaliteit van de buurt is een beschermende factor tegen ongewenst opvoedgedrag.
Is sociale inbedding hét antwoord op het vergroten van kansen voor jeugd en ouders? Nee, dat is het niet. Toch zijn er veel aanwijzingen dat de kracht van de sociale omgeving versterkt en beter benut kan worden.
Dit vraagt echter wel eerst een genuanceerde kijk op sociale inbedding. We plaatsen een paar kanttekeningen. Een sterke sociale inbedding heeft namelijk niet per definitie positieve gevolgen voor jeugd en ouders. Bijvoorbeeld wanneer de normen en waarden in netwerk, gemeenschap of buurt niet bijdragen aan positief opvoeden en opgroeien. Dan kan de sociale omgeving juist een negatief effect hebben op hoe ouders opvoeden en hoe jeugdigen opgroeien. Bovendien is het niet zo dat een sterkere sociale cohesie in een buurt (het stimuleren van één buurtgemeenschap) per definitie leidt tot meer onderlinge steun. De kwaliteit van de sociale relaties blijkt belangrijker te zijn, dan het aantal sociale relaties . Deze nuanceringen van het kijken naar sociale inbedding moeten we voor ogen houden en blijven onderzoeken. Zo wordt steeds meer inzicht verkregen in het belang van de sociale omgeving voor gezinnen.
Dit wetende, staan we stil bij de positieve effecten van onderlinge relaties voor opvoeden en opgroeien. Sociale steun en persoonlijk welbevinden beïnvloeden elkaar over en weer, zo stellen de RMO en de RVZ (2009).
Andere effecten van sociale steun zijn een vermindering van isolatie en een toename van opvoedingsvaardigheden en kennis. Het verbindt ouders met samenlevingsbronnen, zorgt voor ontspanning van de opvoedingsdruk, steunt relaties tussen ouders en hun kinderen en helpt met het beschermen van families tegen kindermishandeling en disfunctie in de familie (Schreiber, 2006 in www.nji.nl> dossier opvoedingsondersteuning).
Versterking van de pedagogische civil society verhoogt de pedagogische en sociale kwaliteit van het samenleven in de woonomgeving. Zo groeit de steun voor en door jeugd en ouders. Om dit te bereiken moet er een sfeer van vertrouwen ontstaan waarin mensen elkaar ontmoeten, elkaar leren kennen en bereid zijn met elkaar in gesprek te gaan. Over opvoeden, opgroeien en gezondheid.
Meer informatie over een gezamenlijke verantwoordelijkheid bij het opvoeden, kunt u vinden in het adviesrapport
‘Investeren rondom Kinderen’, van de Raad voor Maatschappelijke Ontwikkeling.