|
Reacties op dit dossier |
|
|
Voor kinderen van 0 tot 12 jaar zijn er in 2007 zo'n 1000 brede scholen (13% van de scholen in 75 procent van de 443 gemeenten). Het gaat om brede scholen in allerlei typen wijken; van nieuwbouwwijk tot achterstandswijk in stedelijke gebieden, maar ook in kleinere dorpskernen. De komende jaren zal met name in de dorpskernen het aantal toenemen. In steeds meer gemeenten hanteert men kwaliteitscriteria voor de brede school.
In het primair onderwijs opereert de meerderheid van de brede scholen vanuit meerdere gebouwen. Het aantal brede scholen groeit harder dan het aantal multifunctionele gebouwen.
Het belangrijkste doel is de ontwikkelingskansen van kinderen te vergroten, gevolgd door het versterken van de samenwerking tussen organisaties en verbeteren van de sociale cohesie in de wijk. De belangrijkste partners zijn peuterspeelzalen, de kinderopvang, de gemeente en de voorschool, gevolgd door het welzijnswerk. In 2007 zijn met name woningbouwverenigingen in opkomst als actief betrokken partner.
In 2007 gaven 350 schoollocaties voor voortgezet onderwijs aan dat ze een brede school zijn of voorbereiden. Dit is ongeveer bijna 30% van alle scholen voor voortgezet onderwijs. Scholen voor vmbo en praktijkonderwijs zijn (of worden) verhoudingsgewijs vaker een brede school dan scholen voor havo en vwo.
Brede scholen voor voortgezet onderwijs vinden bij ongeveer de helft de activiteiten onder één dak plaats.
Sociale participatie bevorderen en voorbereiding op de maatschappij staat voor veel brede scholen als doelstelling voorop. Ook de sociale cohesie verbeteren en de veiligheid in de wijk versterken wordt veelgenoemd. Talentontwikkeling en maatwerk bieden voor leerlingen is een goede derde in de reeks van doelstellingen.
De brede scholen in het voortgezet onderwijs werken veel samen met de gemeente, schoolmaatschappelijk werkinstellingen en instellingen in de zorgsector. Ook staan sportverenigingen en de politie in de lijst van meestgenoemde partners.
Kruiter, J. e.a. (2007). Brede scholen in Nederland. Jaarbericht 2007. Utrecht: Oberon.